1 De voorzitter van het gemeentelijk stembureau schorst de zitting, indien: a. de werkzaamheden niet afgerond kunnen worden op de dag waarop zij zijn aangevangen; of b. zich naar het oordeel van het gemeentelijk stembureau in of nabij de locatie waar de zitting wordt gehouden omstandigheden voordoen die de behoorlijke voortgang van de zitting onmogelijk maken. 2 Indien zich naar het oordeel van het gemeentelijk stembureau een situatie voordoet als bedoeld in het eerste lid, wordt dit door de voorzitter verklaard. De zitting wordt daarop geschorst. De voorzitter doet hiervan onverwijld mededeling aan de burgemeester. De burgemeester bepaalt vervolgens wanneer en waar de zitting wordt hervat. 3 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden hieromtrent nadere regels gesteld.
§ Kieswet art. Na 8Hoofdstuk Na
nl · 791 chars · active
Primary source. The text above is the canonical statute body as it appears in this revision of the atlas. Verify against the official gazette before quoting in litigation or formal advice. Spot an error? Suggest a correction.